SP.A pleit voor fors meer kinderopvang en kleinere kleuterklassen

per 50 extra leerlingen is er de voorbije jaren maar één meester bij gekomen. Dat heeft oppositiepartij sp. A berekend. Sp. A gebruikt dat cijfer vrijdag op een studiedag om te pleiten voor bijkomende investeringen in kinderopvangplaatsen en in het kleuteronderwijs. Zo willen er volgens sp. A 110. 000 kinderopvangplaatsen bij komen en willen de kleuterklassen kleiner gecre\xeberd worden. ‘elke euro geïnvesteerd in de eerste levensjaren is immers een euro bespaard in de sociale zekerheid later ‘, luidt de redenering. Op de studiedag – met als waardigheidstitel ‘een sterke lanceren voor elk kind ‘ – wil sp. A vrijdag het belang van de peuterspeelplaats en het kleuteronderwijs in de eerste levensjaren van nageslacht in de verf zetten. Het is immers in die eerste levensjaren dat de bergkloof tussen kansarme en kansrijke nageslacht ontstaat. En die bergkloof blijft later vaak lang overwerken op de schoolbanken en op de arbeidsmarkt. Een goede lanceren is met andere woorden cruciaal. Daarom pleit sp. A voor een ambitieus investeringsplan voor de peuterspeelplaats en het kleuteronderwijs. Wat de peuterspeelplaats betreft, vindt de partijtje dat 90 percent van de nageslacht een mogelijkheid willen krijgen in de kinderopvang. Nu is dat iets meer dan de helft. Concreet zouden er volgens de vlaamse socialisten 110. 000 kwalificeren willen bij komen in de kinderopvang. Ook de bergkloof tussen crèche en kleuterschool moet kleiner. En in de kleuterscholen zelf willen de klassen kleiner of moet er meer kleuterleiders per klas zijn. ‘in de crèche is er één verzorger per acht kinderen. In de kleuterklas één juf voor gemiddeld 16 kindjes. Voor de ontstaan van de kleuters, de jobkwaliteit van de kleuterleiders en het welbevinden van de nageslacht, is het essentieel dat de kleuterklassen kleiner wordt of dat er meer leraren per klas komen ‘, klinkt het.